Een geurkaars maken doe je door was te smelten, een geurstof toe te voegen en het mengsel in een pot met een lont te gieten. Klinkt eenvoudig, en dat is het ook grotendeels, maar er zijn een paar details die het verschil maken tussen een kaars die goed ruikt en een kaars die de geur nauwelijks afgeeft. In dit stappenplan lees je precies wat je nodig hebt en hoe je het aanpakt.
Wat heb je nodig voor het maken van een geurkaars?
Begin met de juiste was. Niet elke wassoort is geschikt voor geurkaarsen, omdat sommige wassen de geurstof slecht vasthouden. Sojaswas en kokoswasmengsel staan bekend als goede “geurdragers”: ze geven de toegevoegde geurolie gelijkmatig af tijdens het branden. Paraffinewas is goedkoper en ook geschikt, maar minder populair bij mensen die liever een natuurlijk product maken. Bijenwas heeft van nature al een honingachtige geur en dat kan je gekozen parfum overschaduwen.
Verder heb je nodig:
- Een kaarsencontainer (glazen pot, blikje of keramisch potje)
- Een lont met lonthouder of wasknijper
- Geurolie of parfumolie speciaal voor kaarsen
- Een kookthermometer
- Een oude pan of smeltkruik voor au-bainmariemethode
- Een roerstokje of houten lepel
- Optioneel: kleurstof voor kaarsen
Gebruik altijd geurolie die specifiek voor kaarsen is gemaakt. Gewone etherische oliën hebben vaak een te laag vlampunt en verdampen snel, waardoor de geur al vervliegt voordat de kaars goed brandt.
Geurkaars maken: het stappenplan
Volg onderstaande stappen voor een kaars die goed ruikt én veilig brandt.
Stap 1: Bereid de container voor. Maak de pot schoon en droog. Bevestig de lont in het midden met een lonthouder of leg een wasknijper over de rand zodat de lont recht blijft staan. Dit is belangrijk: een scheve lont zorgt voor ongelijkmatig branden.
Stap 2: Smelt de was. Gebruik de au-bainmariemethode: doe was in een hittebestendige kom of smeltkruik en zet die in een pan met heet water. Verwarm rustig op middelhoog vuur. Meet de temperatuur met een kookthermometer. Sojaswas smelt rond de 50 tot 55 graden Celsius. Verhit de was niet boven de 80 graden Celsius, want dan kan de kwaliteit achteruitgaan.
Stap 3: Voeg geurolie toe. Haal de gesmolten was van het vuur en laat hem afkoelen tot ongeveer 60 tot 65 graden Celsius. Voeg dan pas de geurolie toe. Een gangbare verhouding is 8 tot 10% geurolie op het gewicht van de was. Bij 200 gram was gebruik je dus 16 tot 20 gram geurolie. Meer olie klinkt lekkerder, maar te veel geurolie kan de lont verstikken of voor vlekken op het oppervlak zorgen.
Stap 4: Roer goed en voeg kleurstof toe (optioneel). Roer de geurolie ongeveer twee minuten rustig door de was. Zo mengt alles goed en hecht de geur zich aan de was. Wil je kleur? Voeg nu een kleine hoeveelheid kaarskleurstof toe en roer opnieuw door.
Stap 5: Giet de was in de pot. Giet het mengsel rustig en recht in de container, terwijl je de lont rechtop houdt. Vul de pot niet helemaal tot de rand, laat een centimeter of anderhalve centimeter vrij. Laat de kaars daarna minimaal 24 uur uitharden op kamertemperatuur. Zet hem niet in de koelkast, want dat kan scheuren in het oppervlak veroorzaken.
Stap 6: Knip de lont bij. Knip de lont na het uitharden bij tot ongeveer 5 millimeter boven het wasoppervlak. Een te lange lont zorgt voor roet en een grote, ongelijkmatige vlam.
Veelgemaakte fouten bij het maken van geurkaarsen
De geur valt in de praktijk vaak tegen. Dat komt meestal doordat de geurolie is toegevoegd op een te hoge temperatuur, waardoor de geur al deels verdampt nog voor de was gestold is. Houd je dus aan de 60 tot 65 graden Celsius als toevoegmoment.
Een ander veel voorkomend probleem is “sinkholes”: kleine kuiltjes in het oppervlak van de gestolde kaars. Dat gebeurt als de was te snel afkoelt. Je kunt ze oplossen door wat resterende gesmolten was bij te gieten zodra je ze ziet ontstaan.
Tot slot: test altijd je lontdikte. De lont moet dik genoeg zijn voor de diameter van je pot. Een lont die te dun is, verdrinkt in de gesmolten was. De meeste lonten worden verkocht met een bijbehorende aanbevolen potdiameter, houd je daar aan.
Bewaren en eerste gebruik
Laat een verse geurkaars minstens 48 uur rusten voordat je hem aansteekt. Bij sojaswas duurt het soms zelfs 72 uur voordat de geur volledig in de was is getrokken, een proces dat “curing” wordt genoemd. Verbrand de kaars de eerste keer lang genoeg zodat de hele bovenlaag vloeibaar wordt, minimaal een uur voor elke 2,5 centimeter diameter. Zo voorkom je “tunneling”, waarbij de kaars alleen in het midden wegbrandt en er een dikke wasrand overblijft.
Zelf een geurkaars maken kost in materiaal naar schatting rond de 5 tot 10 euro per kaars in 2025, afhankelijk van de was en geurolie die je kiest. Vergeleken met een kaars uit de winkel is dat vergelijkbaar of goedkoper, maar dan maak je er zelf een van de geur en container die jij wilt. Als je de techniek eenmaal in de vingers hebt, is het eenvoudig te herhalen en te variëren.
Geurkaars herfst: de beste geuren en waar je op moet letten
Geurkaars herfst: de beste geuren en waar je op moet letten
Tulpen in een vaas: zo houd je ze zo lang mogelijk mooi